"Heer, naar wie zouden we gaan? Gij hebt woorden van eeuwig leven."; Johannes 6,68






























 

Zaterdag - Weekdag van de Kersttijd
Overweging bij de lezing van vandaag
H. Augustinus (354-430), bisschop van Hippo (Noord Afrika) en kerkleraar
Sermon 194, elfde sermon over de geboorte van de Heer

"Zo nu is mijn vreugde en ze is volkomen"

       Luister, kinderen van het licht, aangenomen om deel uit te maken van het Rijk van God; luister, geliefde broeders en zusters; luister en juich, rechtvaardigen in de heer, “de lofzang zij een lust voor de vromen” (Ps 33,1). Luister naar wat u al weet, herinner u wat u hebt gehoord, heb lief wat u gelooft.

        Christus is geboren: God door de Vader, mens door de moeder. Geboren uit de onsterfelijkheid van zijn Vader en uit de maagdelijkheid van zijn moeder; uit de Vader, zonder moeder, uit de moeder, zonder vader; uit de Vader zonder tijd, uit de moeder zonder zaad. Uit de Vader geboren is Christus het begin van het leven, uit de moeder, het einde van de dood. Uit de Vader geboren geeft Hij aan elke dag zijn ordening, uit de moeder geboren geeft Hij aan deze dag zijn wijding.

      Hij heeft Johannes de Doper voor zich uit gezonden, die Hij geboren liet worden toen de dagen begonnen te korten, en Hijzelf is geboren toen de dagen begonnen te lengen, om zo de woorden van diezelfde Johannes aan te kondigen: "Hij moet groter worden en ik kleiner". Het menselijk leven moet immers zwakker worden in zichzelf en sterker in Jezus Christus, "opdat zij die leven niet meer voor zichzelf zouden leven, maar voor Hem die ter wille van hen is gestorven en verrezen" (2Kor 5,15). En opdat ieder van ons de woorden van de apostel Paulus kan herhalen: "Ik leef niet meer, maar Christus leeft in mij" (Gal 2,20).



 
©Evangelizo.org 2001-2019