"Heer, naar wie zouden we gaan? Gij hebt woorden van eeuwig leven."; Johannes 6,68






























 

Dinsdag in de Goede Week
Overweging bij de lezing van vandaag
Johannes Karpathios (VIIe eeuw) monnik en bisschop
Vermanende hoofdstukken nr. 29, 62 , 85 (Filokalia van de neptische vaderen; vertaling Evangelizo.org)

God richt weer op wie omvergeworpen is

      Als men, na vurig gestreden te hebben, overwonnen wordt dan moet men niet ontmoedigd raken, en zorgen dat men er niet vanaf ziet, maar dat men weer opstaat en dat men het vertrouwen weer oppakt door naar de woorden van Jesaja te luisteren en dat men deze zingt: “U was sterk, u werd overwonnen, o slechte demonen. En als u weer op krachten komt, dan zult u opnieuw overwonnen worden. Als u plannen hebt dan zal de Heer ze verijdelen. Want God is met ons” (cf. Jes 8,10), God richt hen die omvergeworpen zijn, weer op (cf. Ps 145,14 LXX) en Hij is altijd klaar om de vijanden te breken vanaf het moment dat we berouw hebben. (…)

      Petrus ontvangt eerst de sleutels (cf. Mt 16,19). Daarna staat God toe dat hij in de ontkenning valt (cf. Mt 26,70), opdat deze val voor hem een les in voorzichtigheid mag zijn. Dus ook jij zult na de sleutels van de kennis ontvangen te hebben, vervallen in allerlei soorten gedachten, wees dan niet verbaasd. Maar verheerlijk de enige Wijze, onze Heer, die door deze ongelukken een rem zet op de eigendunk die zich met de goddelijke kennis wil verbinden. Want de beproevingen zijn een rem. Ze kunnen de menselijke trots remmen, door de voorzienigheid van God. (…)

      Wanhopen is rampzaliger dan zondigen. Zo was ook Judas de verrader zwak en had hij niet de ervaring van de strijd. De vijand wierp zich op hem die wanhoopte en deed hem een touw om zijn nek (cf. Mt 27,5). Maar Petrus, deze stevige rots, omvergeworpen door een verschrikkelijke val, liet zich niet gaan in, noch gaf hij zich over aan de wanhoop, want hij had de ervaring van de strijd. Hij pakte zichzelf weer bij elkaar. Met een teneergeslagen en vernederd hart, weende hij bittere tranen (cf. Mt 26,75). Toen de vijand dat zag met ogen die branden als felle vlammen, trok hij zich meteen terug en vluchtte ver weg met uitroepen van harde kreten.



 
©Evangelizo.org 2001-2020