"Heer, naar wie zouden we gaan? Gij hebt woorden van eeuwig leven."; Johannes 6,68






























 
Vrijdag, 24 Augustus 2018
H. BartolomeĆ¼s, apostel - Feest



Uit de Openbaring van de heilige apostel Johannes 21,9b-14.
Een engel kwam naar mij toe en zei: Kom, ik zal u de Bruid, het Lam tonen.
Ik raakte in vervoering, en hij nam mij mee naar een heel hoge berg
en liet me de heilige stad Jeruzalem zien, die uit de hemel neerdaalde, bij God vandaan.
Stralend van de heerlijkheid God; zij schitterde als het kostbaarste gesteente en als een kristalheldere jaspis.
De stad wat omringd door een zeer hoge muur met twaalf poorten en bij elke poort stonden twaalf engelen.
namen waren daarop gegrift, de namen van de twaalf stammen van Israƫls zonen.
Er waren drie poorten op het oosten, drie op het noorden, drie op het zuiden en drie op het westen.
En de stadsmuur had twaalf grondstenen en daarop stonden de twaalf namen van de twaalf apostelen van het lam.


Psalmen 145(144),10-11.12-13ab.17-18.
Uw werken zullen U prijzen, Heer,
uw vromen zullen U loven.
Zij roemen de glorie van uw heerschappij,
uw macht verkondigen zij.

Zij maken uw kracht aan de mensen bekend,
de pracht van uw Koninkrijk.
Uw Rijk is een rijk voor alle eeuwen,
uw heerschappij geldt voor ieder geslacht.

De Heer is rechtvaardig op al zijn wegen,
en heilig in al wat Hij doet.
Nabij is de Heer voor elk die Hem aanroept,
voor elk die oprecht tot Hem bidt.



Uit het heilig Evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Johannes 1,45-51.
In die tijd ontmoette Filippus Natanaƫl en zei hem: 'Degene over
wie Mozes in de Wet geschreven heeft en ook de profeten,
Hem hebben wij gevonden: Jezus, de zoon van Jozef, uit Nazaret.'
Natanaƫl smaalde: 'Uit Nazaret, kan daar iets goeds vandaan komen?'
Waarop Filippus antwoordde: 'Kom dan kijken.'
Jezus zag Natanaƫl naar zich toekomen en zei, doelend op hem:
'Dat is waarlijk een Israƫliet in wie geen bedrog is!'
Natanaƫl zei toe Hem: 'Hoe kent Gij mij?' Jezus gaf hem ten antwoord:
'Voordat Filippus u riep, zag ik u onder de vijgeboom zitten.'
Toen zei Natanaƫl tot Hem: 'Rabbi, Gij zijt de Zoon Gods, Gij zijt de Koning van Israƫl.'
Jezus antwoordde: 'Omdat Ik u zei dat ik u onder de vijgeboom zag, gelooft ge?
Gij zult grotere dingen zien dan deze.'
En hij voegde er aan toe: 'Voorwaar, voorĀ­waar, Ik zeg u: gij zult de hemel open zien
en de engelen Gods zien opstijgen en neerdalen in dienst van de MensenĀ­zoon.'






 
©Evangelizo.org 2001-2018