"Heer, naar wie zouden we gaan? Gij hebt woorden van eeuwig leven."; Johannes 6,68






























 
Zondag, 26 Augustus 2018
EEN-EN-TWINTIGSTE ZONDAG DOOR HET JAAR



Uit het boek Jozua 24,1-2a.15-17.18b.
In die dagen riep Jozua alle stammen van Israël bijeen in Sichem. Nadat hij de oudsten,
stamhoofden, rechters en griffiers zich ten overstaan van God had laten opstellen,
sprak hij tot het volk: ‘Dit zegt de Heer, de God van Israël:
Wanneer u de Heer niet wilt dienen, kies dan nu wie u wel wilt dienen:
de goden van uw voorouders ten oosten van de Eufraat of de goden van de Amorieten,
van wie u nu het land bewoont. In ieder geval zullen ik en mijn familie de Heer dienen.
Hierop antwoordde het volk: ‘Het is verre van ons de Heer te verlaten om andere goden te dienen.
Hij is het, de Heer, onze God, die ons en onze voorouders uit de slavernij in Egypte heeft bevrijd.
Hij heeft grote wonderen voor ons verricht; dat hebben we met eigen ogen gezien.
Hij heeft ons op onze hele tocht beschermd tegen alle volken waarvan we het gebied doortrokken.
De Heer heeft ze allemaal voor ons verdreven, en ook de Amorieten,
die vroeger in dit land woonden. Natuurlijk zullen wij de Heer dienen, want Hij is onze God.’


Psalmen 34(33),2-3.4-5.6-7.8-9.
De Heer zal ik prijzen iedere dag,
zijn lof ligt mij steeds op de lippen.
Mijn geest is fier op de gunst van de Heer,
laat elk die het hoort zich verheugen.

Verheerlijkt de Heer te zamen met mij
en laat ons eendrachtig zijn Naam vereren.
Ik ging tot de Heer en Hij heeft mij verhoord,
Hij heeft mij gered uit al wat ik vreesde.

Verlaat u op Hem, dan wordt ge gelukkig,
want Hij stelt u niet teleur.
Die roepen in nood, naar hen luistert de Heer
en redt hen uit hun ellende.

De engel van God legt een schans om hen heen,
om elk die God vreest te beschermen.
Let op en bemerkt hoe genadig de Heer is,
gelukkig is hij die zijn heil zoekt bij Hem.



Uit de brief van de heilige apostel Paulus aan de christenen van Efeze 5,21-32.
Broeders en zusters, weest elkander onderdanig uit ontzag voor Christus.
Vrouwen, weest onderdanig aan uw man als aan de Heer.
Want de man is het hoofd van de vrouw, zoals Christus het hoofd is van de kerk. Hij is ook de verlosser van zijn lichaam,
maar zoals de kerk onderdanig is aan Christus, zo moet ook de vrouw haar man in alles onderda­nig zijn.
Mannen, hebt uw vrouw lief, zoals Christus de kerk heeft liefgehad: Hij heeft zich voor haar overgeleverd
om haar te heiligen, haar reinigend door het waterbad met het woord.
Hij heeft de kerk tot zich gevoerd als een heerlijke bruid, zonder vlek of rimpel of fout, heilig en onbesmet.
Zo moeten ook de mannen hun vrouwen liefhebben, zoals ze hun eigen lichaam liefhebben. Wie zijn vrouw bemint, bemint zichzelf.
Niemand heeft ooit zijn eigen vlees gehaat; integen­deel, hij voedt en koestert het. En zo doet Christus met de kerk,
omdat wij ledematen zijn van zijn lichaam.
Daarom zal de man vader en moeder verlaten om zich te hechten aan zijn vrouw, en die twee zullen een vlees zijn.
Dit geheim heeft een diepe zin. Ik voor mij betrek het op Christus en de kerk.


Uit het heilig Evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Johannes 6,60-69.
In die dagen zeiden velen van de leerlin­gen van Jezus: 'Deze taal stuit iemand tegen de borst. Wie kan daar naar luisteren?'
Maar Jezus, die uit zichzelf wist dat zijn leerlingen daarover morden, vroeg hun: 'Neemt gij daar aanstoot aan?
Als gij dan de Mensenzoon ziet opstijgen naar waar Hij vroeger was...?
Het is de geest die levend maakt, het vlees is van geen nut. De woorden die Ik tot u gesproken heb, zijn geest en leven.
Maar er zijn er onder u, die geen geloof hebben.' ‑ Jezus wist inder­daad van het begin af aan wie het waren die niet geloofden en wie Hem zouden overleveren ‑.
Hij voegde er een toe: 'Daarom heb Ik u gezegd, dat niemand tot Mij kan komen, als het hem niet door de Vader gegeven is.'
Tengevolge hiervan trokken velen van zijn leerlingen zich terug en verlieten zijn gezelschap.
Waarop Jezus aan de twaalf vroeg: 'Wilt ook gij soms weggaan?'
Simon Petrus antwoordde Hem: 'Heer, naar wie zouden wij gaan? Uw woorden zijn woorden van eeuwig leven
en wij geloven en weten dat Gij de Heilige Gods zijt.'






 
©Evangelizo.org 2001-2018