"Heer, naar wie zouden we gaan? Gij hebt woorden van eeuwig leven."; Johannes 6,68






























 
Vrijdag, 31 Augustus 2018
Vrijdag in week 21 door het jaar



Uit de 1e brief van de heilige apostel Paulus aan de christenen van Korinte 1,17-25.
Broeders en zusters, Christus heeft mij niet gezonden om te dopen. Hij heeft mij gezonden om het evangelie te verkondigen,
en dat niet met wijsheid van woorden; anders zou het kruis van Christus zijn kracht verliezen.
Want de prediking van het kruis is dwaasheid voor hen die verloren gaan, maar voor hen die gered worden, voor ons, is zij Gods kracht.
Er staat immers geschreven: Verdelgen zal Ik de wijsheid der wijzen en het verstand der verstandigen zal Ik tenietdoen.
De wijze, de geleerde, de redetwister van deze tijd, waar zijn zij? Heeft God de wijsheid van de wereld niet tot dwaasheid gemaakt?
In Gods wijsheid heeft de wereld met al haar wijsheid God niet gevonden; daarom heeft God besloten hen die geloven te redden door de dwaasheid van de verkondiging.
Want Joden eisen wonderen, heidenen verlangen wijsheid.
Maar wij verkondigen een gekruisigde Christus, voor de Joden een aanstoot, voor de heidenen een dwaasheid,
maar voor hen die geroepen zijn, joden zowel als heidenen, is Hij Gods kracht en Gods wijsheid.
Want de dwaasheid van God is wijzer dan de mensen, en de zwakheid van God is sterker dan de mensen.


Psalmen 33(32),1-2.4-5.10ab.11.
Jubelt, gerechtigen, voor de Heer,
wie vroom is dient Hem te loven.
Eert dan de Heer met citerspel,
en speelt voor Hem op de harp.

Oprecht is immers het woord van de Heer
en al wat Hij doet is betrouwbaar.
Recht en gerechtigheid heeft Hij lief,
de aarde is vol van zijn mildheid.

De plannen van naties doet Hij teniet
Hij verijdelt wat volken beramen.
De plannen van naties doet Hij teniet
Hij verijdelt wat volken beramen.

Eeuwig blijft staan het plan van de Heer,
wat Hij heeft beraamd geldt van geslacht tot geslacht.


Uit het heilig Evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Matteüs 25,1-13.
In die tijd vertelde Jezus zijn leerlingen deze gelijkenis: Het is met Rijk der hemelen
als met tien meisjes die met hun lampen uittrokken, de bruidegom tegemoet.
Vijf van hen waren dom, de andere vijf verstandig.
Want de domme namen wel hun lampen mee, maar geen olie;
de verstandige echter namen met hun lampen tevens kruiken olie mee.
Toen nu de bruidegom op zich liet wachten, dommel­den zij allen in en sliepen.
Maar midden in de nacht klonk er geroep: Daar is de bruidegom! Trekt hem tegemoet!
Meteen waren al de meisjes wakker en maakten hun lampen in orde.
De domme zeiden tegen de verstandi­ge: Geeft ons wat olie, want onze lampen gaan uit.
Maar de verstandige antwoord­den: Neen, er mocht eens niet genoeg zijn voor ons en jullie samen. Gaat liever naar de verkopers en haalt wat voor jezelf.
Maar terwijl zij onderweg waren om te gaan kopen kwam de bruidegom,
en die klaar stonden, traden met hem binnen om bruiloft te vieren; en de deur ging op slot.
Later kwamen ook de andere meisjes en zeiden: Heer, heer, doe open!
Maar hij antwoorde: Voorwaar, Ik zeg u: Ik ken u niet.
Weest dus waakzaam, want gij kent dag noch uur.






 
©Evangelizo.org 2001-2018