"Heer, naar wie zouden we gaan? Gij hebt woorden van eeuwig leven."; Johannes 6,68






























 
Zaterdag, 01 September 2018
Zaterdag in week 21 door het jaar



Uit de 1e brief van de heilige apostel Paulus aan de christenen van Korinte 1,26-31.
Broeders en zusters,, denkt aan uw eigen roeping. Naar menselij­ke maatstaf waren er niet velen geleerd, niet velen machtig, niet velen van hoge afkomst.
Nee, wat voor de wereld dwaas is, heeft God uitverkoren, om de wijzen te bescha­men; wat voor de wereld zwak is, heeft God uitver­koren, om het sterke te beschamen;
wat voor de wereld van geringe afkomst is en onbedui­dend, heeft God uitverkoren; wat niets is om teniet te doen wat iets is,
opdat tegenover God geen mens zou roemen op zichzelf.
Dank zij Hem zijt gij in Christus Jezus, die van Godswege heel onze wijsheid is geworden, onze gerech­tig­heid, heiliging en verlossing.
Daarom, zoals er geschreven staat, als iemand wil roemen laat hem roemen op de Heer.


Psalmen 33(32),12-13.18-19.20-21.
Gelukkig het volk dat de Heer als zijn God heeft,
de natie die Hij verkoos als de zijne.
Uit de hemel ziet de Heer omlaag
en slaat Hij de sterveling gade.

Maar het is God die zijn dienaars bewaakt,
hen die op zijn gunst vertrouwen,
dat Hij hen redden zal van de dood,
bij hongersnood hen zal voeden.

Daarom vertrouwt ons hart op de Heer,
is Hij ons een schild en een helper.
Ja, om Hem is ons hart verblijd,
op zijn heilige Naam vertrouwen wij.



Uit het heilig Evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Matte√ľs 25,14-30.
In die tijd hield Jezus zijn leerlingen de volgende gelijkenis voor: Het zal met het rijk der hemelen zijn
als met de man die bij zijn vertrek naar het buitenland zijn dienaars bij zich riep om hun zijn bezit toe te ver­trou­wen.
Aan de een gaf hij vijf talenten, aan de andere twee, aan een derde een, ieder naar zijn bekwaam­heid. Daarna vertrok hij.
Die de vijf talenten gekre­gen had, ging er terstond mee werken en verdiende er vijf bij.
Zo verdiende ook degene die de twee gekregen had, er twee bij.
Maar die dat ene had gekregen, ging een gat in de grond graven en het geld van zijn heer verbergen.
Een hele tijd later kwam de heer van die dienaars terug en hield afrekening met hen.
Die vijf talenten gekregen had, trad naar voren en bood nog vijf talenten aan met de woorden:
Heer, vijf talenten hebt gij mij toevertrouwd; ziehier, vijf talenten heb ik erbij verdiend.
Zijn meester sprak tot hem: Uitstekend, goede en trouwe dienaar, over weinig waart ge trouw,
over veel zal ik u aanstellen. Ga binnen in de vreugde van uw heer.
Nu trad die van de twee talenten naar voren en zei: Heer, twee talenten hebt gij mij toevertrouwd; ziehier, twee talenten heb ik erbij verdiend.
Zijn meester sprak tot hem: Uitstekend, goede en trouwe dienaar, over weinig waart ge trouw, over veel zal ik u aanstellen. Ga binnen in de vreugde van uw heer.
Tenslotte trad ook die het ene talent had gekregen naar voren en zei: Heer, ik heb ervaren
dat gij een hard mens zijt, die oogst waar gij niet gezaaid hebt en binnenhaalt waar gij niet hebt uitgestrooid.
Daarom was ik bang en ben uw talent in de grond gaan verbergen. Hier hebt ge uw eigendom terug.
Maar zijn meester gaf hem ten antwoord: Slechte en luie knecht, je wist dus
dat ik oogst waar ik niet gezaaid heb en binnen­haal waar ik niet heb uitgestrooid?
Daarom had je mijn geld bij de bankiers moeten uitzetten,
dan zou ik bij mijn komst mijn bezit met rente teruggekregen hebben.
Neemt hem dus dat talent af en geeft het aan wie de tien talenten heeft.
Want aan ieder die heeft, zal gegeven worden; maar wie niet heeft, hem zal nog ontnomen worden zelfs wat hij heeft.
En werpt die onnutte knecht buiten in de duisternis; daar zal geween zijn en tandengeknars.






 
©Evangelizo.org 2001-2018