"Heer, naar wie zouden we gaan? Gij hebt woorden van eeuwig leven."; Johannes 6,68






























 
Maandag, 24 September 2018
Maandag in week 25 door het jaar



Lezing uit het boek Spreuken 3,27-34.
Onthoud niets goeds aan wie het toekomt, zolang gij bij machte zijt het te geven.
Zeg niet tot uw naaste: ''Ga heen, kom maar eens terug!'' Of: ''Morgen geef ik het u wel'' ‑ terwijl gij het nu hebt.
Beraam tegen uw naaste geen kwaad, terwijl hij niets duchtend naast u leeft.
Laat het niet zonder reden tot een geschil komen met iemand die u geen kwaad heeft gedaan.
Wees niet afgunstig op een man die onrecht pleegt en kies geen van zijn wegen.
want de boosdoener is een gruwel voor de Heer, maar met de rechtvaardigen gaat Hij vertrouwelijk om.
De vloek van de Heer ligt op het huis van de boze, maar zijn zegen rust op de woning van de rechtvaardigen.
De spotters bespot Hij maar aan de ootmoedigen schenkt Hij zijn gunst.


Psalmen 15(14),2-3ab.3cd-4ab.5.
Wie rechtvaardig is en eerbaar leeft,
in zijn hart geen boze plannen koestert,
geen bedrog pleegt met zijn tong.

wie zijn evenmens geen schade doet
en zijn buren niet te schande zet;
wie de boosdoener veracht,
maar de dienaars van de Heer in ere houdt;

Zijn bezit niet uitleent tegen woeker,
als getuige niet omkoopbaar is.
Wie zich zo gedraagt
zal niet wankelen in eeuwigheid.




Uit het heilig Evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Lucas 8,16-18.
In die tijd zei Jezus tot de menigte: Niemand steekt een lamp aan om die onder een schaal te verbergen of onder een rustbank te zetten, maar hij plaatst ze op een standaard, opdat al wie binnenkomt het licht kan zien.
Niets is verborgen dat niet openbaar gemaakt, niets geheim dat niet bekend zal worden en aan het licht zal komen.
Let dus op, hoe gij luistert. Aan wie heeft zal gegeven worden; maar wie niet heeft: zelfs wat hij meent te hebben zal hem nog ontnomen worden.'






 
©Evangelizo.org 2001-2018